background image
Achtergrond

Alles wat bestaat heeft zijn plaats in het groter geheel. Dat betekent dat elk levend wezen en zelfs elk voorwerp op zichzelf bestaat en tegelijk verbonden is met al het andere. En elk is belangrijk.

Veel benaderingen van nondualiteit richten zich vooral op het Geheel, het Al als je wilt, en gaan soms zo ver dat ze het bestaan van onze materiële wereld en de te onderscheiden individuen ontkennen. Voor ons is dat niet zo. Wij zijn ervan overtuigd dat beide belangrijk zijn en beide elkaar nodig hebben. Het geheel wordt gevormd door de delen: zonder delen geen geheel, zoals er zonder waterdruppels geen zee is. Dit betekent voor ons dat alles wat bestaat er bij hoort, en dat iets daaruit wegsnijden ons contact met het leven schaadt.

Dit heeft natuurlijk gevolgen voor hoe we tegen het ego aan kijken. Het ego zorgt ervoor dat we overleven en verdient groot respect. Dit is wat ons neerzet in de wereld, dit is ons unieke werktuig. Maar ons ego is gewond. We hebben geleerd delen van ons af te snijden en zijn geneigd een gewenst object van onszelf te maken. We veroordelen onszelf, en anderen, we vinden onszelf niet goed genoeg. Daardoor snijden we ons deels af van wie we zijn en van de volheid van het leven. Het leven wordt bedreigend en we moeten op onze hoede zijn.
We kunnen erop vertouwen dat we onszelf helemaal de ruimte kunnen geven, ook al zijn sommige delen van ons gewond en vervormd. Het leven heeft altijd en overal een drang tot helen in zich. Door ons te verbinden met alles wat er is, worden we deel van deze helende impuls en daarmee dragen we automatisch bij aan wat er nodig is voor de heling van onszelf en het leven. De kunst is om dat te gaan vertrouwen.

Dit alles heeft grote consequenties. Het leidt tot een diepe vriendelijkheid tegenover alles wat er is, en in de eerste plaats tegenover onszelf. Deze vriendelijkheid wil niet zeggen dat we alles accepteren. Sommige dingen bevorderen heling, andere zijn destructief bijvoorbeeld. Alles accepteren zou ook betekenen dat we bijvoorbeeld ons verzet, onze boosheid en afkeuring af zouden snijden, en daardoor een groot deel van het leven in ons. Vriendelijkheid betekent dus niet dingen laten zoals ze zijn, maar het betekent een relatie aangaan met alles wat er is in het besef dat het zijn plaats heeft en dat pas in een relatie iets kan veranderen. Het betekent uiteindelijk onze boosheid of egoïsme liefdevol benaderen, zonder de ander of de situatie te ontkennen.

Onze weg is een weg naar de volheid van het leven, wat ons ego daar ook maar van mag denken, terwijl we ons ego liefdevol aan de hand meenemen en er respectvol voor open staan.